Helende handen
De agent verzekert mij dat ze zo snel mogelijk de kinderen zullen waarschuwen en dat alles geregeld gaat worden…’Zeg dat ik van ze hou, en snel weer thuis kom’ fluister ik, maar hij is al weg. Hij heeft kennelijk haast. De brandweerman met de zachte stem zegt dat het goedkomt en ik kan niet anders dan hem geloven…
…En dan lijkt alles in een sneltreinvaart te gaan. er worden dekens voor me gehouden waardoor ik het zagen aan de deurstijlen niet kan zien maar alleen kan horen, Geluiden van metaal op metaal bezorgen me kippevel. naast mijn vriend hoor ik de stem van de huisarts, ‘Hoe gaat het met je?’zeggen… Mijn vriend antwoordt dat hij pijn in zijn rug heeft… Zachtjes fluister ik voor me uit ‘Je hebt toch altijd pijn in je rug?’ direct bekruipt me een gevoel van schaamte. Ik mag niet zo denken, gelukkig weet ik dat dit mijn overlevings mechanisme is… Ik kan me nog steeds niet bewegen… ‘Alles komt wel goed fluister ik weer. ‘ Ik val in herhalingen maar er is niets anders wat er in mijn hoofd opkomt op dit moment.
Bij drie tillen we, hoor ik de brandweermannen zeggen… En even later voel ik de regen op mijn gezicht vallen. Het dak is van de auto gehaald en ik voel me meteen minder opgesloten. Er klimt iemand op de achterbank en na wat gerommel aan mijn stoel hoor ik hem zeggen, ‘We tillen haar met stoel en al naar buiten’… Ik vind het allemaal wel best, de regen voelt verkoelend aan op mijn voorhoofd en ik bedenk dat ook dit een onderdeel van een groter plan zal zijn…
Met mijn ogen dicht onderga ik alles wat ze met me doen… de chemische geur van de steriele gazen maakt me misselijk. doe je ogen eens open, vraagt de zachte vrouwenstem. ik geef met tegenzin gehoor aan haar verzoek en kijk in een paar bezorgde ogen recht voor me. de afstand die het dak schiep is nu weg… we gaan voor je zorgen zegt ze vol vertrouwen, ik doe een kraag om je nek voor de zekerheid en daarna tillen de mannen je eruit… ik geloof haar en knijp nog eens in de warme hand die de mijne nog steeds vasthoudt. ik wil zeggen dat ik bang ben voor de pijn in mijn benen maar besef ook wel dat niemand daar iets aan kan doen. ik zal hier door heen moeten voor ze verder kunnen. maak je maar geen zorgen zegt de eigenaar van de warme hand en voor het eerst zie ik het gezicht wat daarbij hoort. ik ken hem, het is een soort van buurman die twee straten verder woont. het komt goed. blijf me vasthouden als ze me optillen. ik vraag niet meer, ik eis gewoon, ik besef dat ze alles wat ik wil toch wel doen. ik overzie voor het eerst de echte ernst van mijn situatie… weer wordt er geteld en voor ik het weet lig ik op een brancard naast de auto…
Vanaf mijn rug kijk ik naar alle bekende en bezorgde gezichten die over me heen staan gebogen. Ik weet dat mijn vriend nog steeds in de auto zit en besef dat ik nu weg moet. Ik hoop hem straks weer te zien..
Ik heb me altijd afgevraagt hoe het zou zijn om in een ambulance ‘met sirenes’ te rijden maar had daar dan toch altijd een baantje als chauffeur bij in gedachten… Dit is zo anders, het gaat mijn voorstellingsvermogen te boven. De man die mijn hand nog steeds vasthoudt komt met zijn gezicht dicht bij mij… ik ga je nu loslaten want je wordt naar het ziekenhuis gebracht… ‘Hou vol, je gaat het redden’ zegt hij er nog achteraan terwijl ik de ambulance in word gereden. Dan geven we een laatste kneepje in elkaars hand. Ik zou graag uitleggen hoe belangrijk hij het laatste uur voor mij geweest is maar kan enkel tussen mijn tranen door fluisteren ‘ Bedankt dat je er was!!’










